Stichting RK homo-emancipatie

Erevoorzitter

De Stichting draagt mede de naam van haar oprichter en erevoorzitter: priester Jan Veldt. Zijn levensverhaal is nauw verbonden met de ontwikkeling van de stichting en met zijn persoonlijke zoektocht naar ruimte, vrijheid en erkenning binnen de Rooms-katholieke Kerk.

Jan Veldt is geboren op 18 juli 1933 als dertiende kind in het boerengezin van Gerrit Veldt en Geertje Beentjes. Het was crisistijd. Op de boerderij werkte iedereen mee en van schaarste en zuinigheid leek Jan weinig te merken. Hij had een blije en onbezorgde jeugd.

Als leerling van de kleuterschool en lagere school was hij volgzaam en deed hij goed zijn best. De Tweede Wereldoorlog bracht een heel andere werkelijkheid. De boerderij lag in het spergebied en Duitse soldaten bepaalden het straatbeeld. Toch beleefde Jan deze jaren zonder de angst die volwassenen om hem heen ongetwijfeld voelden.

Al jong wist hij wat hij wilde worden: priester. Misdienaar zijn en thuis ‘misje spelen’ hadden voor hem soms zelfs meer aantrekkingskracht dan het werken op de boerderij.

In 1947 vertrok hij naar het kleinseminarie Hageveld in Heemstede. De zesjarige opleiding doorliep hij zonder te blijven zitten. Daarna volgden het Philosophicum in Warmond en vanaf 1955 het Theologicum. Voor zijn subdiakenwijding bracht hij een jaar door in Leuven en liep hij stage bij de Hoogovens.

Op 11 juni 1960 werd Jan Veldt tot priester gewijd.

Van parochie naar ziekenhuis

Zijn eerste jaren als priester bracht hij door als kapelaan in Sloten en Zandvoort. Voor zijn derde standplaats maakte hij bewust zelf een keuze. In overleg met bisschop Zwartkruis koos hij voor het ziekenhuispastoraat.

In 1971 vond hij zijn plek in het St. Jans Gasthuis in Hoorn. Daar kwam hij volledig tot ontplooiing. Hij voelde zich aangetrokken tot de vernieuwingen die na het Tweede Vaticaans Concilie binnen de Kerk op gang kwamen en volgde met enthousiasme de nieuwe liturgische en theologische ontwikkelingen.

Vanaf 1980 woonde hij zelfstandig, samen met een huishoudster. Naar buiten toe was zijn leven goed verzorgd; tegelijkertijd kende hij een diepe innerlijke eenzaamheid.

In 1988 maakte hij de overstap naar het Canisius-Wilhelmina Ziekenhuis in Nijmegen. Het was een nieuwe en veeleisende uitdaging, maar opnieuw wist hij daarin zijn weg te vinden. In 1994 maakte het ziekenhuispastoraat plaats voor de verpleeghuiszorg op Dekkerswald in Groesbeek.

Een leven lang zoeken naar zichzelf

Tot het einde van zijn werkzame leven in 2007 hield Jan een belangrijk deel van zichzelf verborgen. Dat hij zich aangetrokken voelde tot mannen was voor de buitenwereld niet zichtbaar.

Pas na zijn emeritaat ontstond ruimte om zichzelf beter te leren kennen en te aanvaarden.

In 2008 keerde hij terug naar zijn roots in Kennemerland. Hij genoot van zijn emeritaat en bleef actief betrokken bij de parochies van onder meer Heiloo, Akersloot, Limmen en de Egmonden.

Nieuwe vriendschappen en nieuwe inzichten brachten hem dichter bij zichzelf. Hij beleefde gelukkige jaren, zowel binnen als buiten de Rooms-Katholieke Kerk die hem zo dierbaar was.

Zijn levensmotto werd:

“Wie niet verandert, heeft niet geleefd.”

Het was een uitspraak die steeds meer betekenis kreeg naarmate Jan ouder werd.

Geïnspireerd door voorlopers

In zijn ontwikkeling werd Jan geïnspireerd door mensen die hem voorgingen in een ruimere en menselijkere benadering van homoseksualiteit binnen de Kerk. Een van hen was pater Jan van Kilsdonk.

Van Kilsdonk trad decennialang niet slechts oogluikend tolerant op tegenover homoseksuele mensen. Hij verwelkomde hen daadwerkelijk, luisterde naar hen en verdedigde hun volwaardige plaats binnen de Kerk en de samenleving.

Tijdens een toespraak in de Amsterdamse Studentenekklesia op 26 april 1970 verwoordde hij dat op indringende wijze. Homoseksualiteit was volgens hem geen vergissing of ongeluk, maar juist een vondst van de Schepper:

“Als je in alle culturen ziet, dat er vrouwen van vrouwen en mannen van mannen houden, kan ik als gelovige niet zeggen, dat het toeval is en nog minder een ongeval. Als gelovige zeg ik dan dat homoseksualiteit een vondst van de Schepper is. Daar zit God achter.”

Deze woorden zouden ook voor Jan Veldt grote betekenis krijgen.

Strijdbaar voor een inclusieve Kerk

In 2021 sprak de Congregatie voor de Geloofsleer zich uit tegen het zegenen van homoseksuele relaties. Voor Jan was dit een diep teleurstellend en onaanvaardbaar besluit.

Hij besloot niet langer op de achtergrond te blijven.

Jan Veldt trad openlijk naar voren en verzette zich krachtig tegen het kerkelijke standpunt. Op het Homomonument in Amsterdam organiseerde hij een Agapè-manifestatie: een zichtbaar en publiek protest, maar tegelijk ook een viering van liefde, verbondenheid en geloof.

Juist daar ligt de oorsprong van de Stichting RK homo-emancipatie.

De stichting werd opgericht vanuit de overtuiging dat homoseksuele mensen niet aan de rand van de Kerk thuishoren, maar daar volledig deel van uitmaken. Niet als gedoogde gelovigen, maar als mensen die volwaardig gezien, gehoord en geliefd mogen worden.

Jan Veldt stond aan de wieg van deze beweging. Na de oprichting van de stichting vervulde hij als eerste voorzitter een belangrijke rol in het leggen van het fundament.

Op 20 april 2024 werd hij benoemd tot erevoorzitter van de Stichting RK homo-emancipatie Priester Jan Veldt.

Daarmee werd niet alleen een priester geëerd die zich gedurende zijn leven steeds opnieuw had ontwikkeld. Ook werd een man geëerd die uiteindelijk de moed vond om zichtbaar te maken wie hij was en zich in te zetten voor anderen die binnen de Kerk dezelfde strijd voeren.

Zijn naam leeft daarom voort in de stichting.

Priester Jan Veldt: een man van de Kerk, een man van verandering en een man die uiteindelijk de moed had om voor liefde en gelijkwaardigheid op te komen.